Home Evenementen Wedden op het wielermonument Milaan-San Remo

Wedden op het wielermonument Milaan-San Remo

Milaan-San Remo

De eerste grote wielerklassieker van het jaar is Milaan – San Remo. Samen met Parijs-Roubaix, Luik-Bastenaken-Luik, de Ronde van Vlaanderen en de Ronde van Lombardije vormen ze de vijf grote klassieke monumenten van het wielrennen.

La Primavera  [de lente] wordt de wielerklassieker Milaan San Remo ook wel genoemd, omdat de eerste klassieker van het jaar, in het derde weekend van maart, samenvalt met het begin van de  lente. Twee gebeurtenissen die vooral in Italië  er toe doen.

Wielrennen leent zich uitstekend voor het wedden op sport.

Historie van Milaan – San Remo

Zoals bij vele wielerwedstrijden, stond ook hier een journalist aan de basis van de eerste editie. Het was Tullo Morgagni, die in samenwerking met de Italiaanse krant La Gazetta dello Sport, het initiatief nam tot het organiseren van een nieuwe wielerwedstrijd. Zoals toen gebruikelijk, werd de koers genoemd naar de start- en finishplaats van de nieuwe wedstrijd.

De eerste editie vond plaats in 1907. Deze editie werd gewonnen door de toen bekende Fransman Lucien Petit Breton, die ook tweemaal de Tour de France won.

Het parcours heeft, in vergelijking met andere klassiekers, in al die jaren nauwelijks veranderingen ondergaan

Eddie Merckx is zegekoning van M-S-R met 7 zeges met kort daarachter de Italiaan Girardengo die tussen 1918 en 1928 maar liefst 6 keer kon winnen. Een Italiaan won het vaakst. (51). Hennie Kuiper was de laatste Nederlander die in 1985 won. Eerder grepen Arie Den Hartog in 1965 en Jan Raas in 1977 voor Nederland de overwinning.

Het parcours en gewoonlijke verloop van de wedstrijd.

De start van de langste eendaagse profwedstrijd van het jaar  is op het bekende plein van Milaan, de Piazza del Duomo.  Bijna 300 km is de tocht richting het zuidwesten, door Lombardije, naar de kust van de Bloemen Riviera.

Halverwege ligt de eerste beklimming, de Turchino. In ruim 25 km met een gemiddelde van slechts 1.4 % worden vanaf Ovada 373 hoogtemeters overbrugd en dat is daarmee de langste beklimming van Milaan – San Remo. De steilste km kent een percentage van 5.7%. Beslissend is de Turchino niet voor het verloop van de koers, omdat hij zo ver van de finish is gelegen en het stijgingspercentage zo laag is. Viermaal van alle edities werd er niet over de Turchino gereden omdat het parcours onbegaanbaar was geraakt.

Na 240 km vormen drie Capi, de Capo Mele, de Capo Cervo en de Capo Berta, de eerstvolgende obstakels van belang voor de renners. Tot hier is het krachten sparen, goed eten en drinken en zo economisch mogelijk trachten te schuilen in het peloton voor degene die zich kansen toeschatten op de zege. Dit is het moment dat de vroege vluchtgroep veelal wordt ingerekend en komen er de eerste meer serieuze aanvallers.

Op 30 km van de meet is de top van de Cipressa, de voorlaatste klim. Het hoogteverschil van 233 in bijna 6 km is gewoonlijk geen probleem, maar na 270 km weegt dit toch door. Na een razendsnelle afdaling is rechtsaf draaiend daar plotseling de voet van de Poggio, de laatste klim Hier ontploft de koers.  Amper 4 km, aan nog geen 4% gemiddeld, is het dan aan de explosieve krachtpatsers die hier het verschil proberen te maken. Ook is het aan de sprinters om zo lang mogelijk aan te haken, dan wel het verschil zo klein mogelijk te houden op de top, in de hoop dan met een groepje terug te kunnen keren bij de eersten.

Op de top van de Poggio duiken de renners, met de daver op het lijf,  linksaf naar beneden. Wat volgt is een duizelingwekkende afdaling en daarna nog enkele vlakke kilometers naar de meet op de Via Roma.

Wat voor renners kunnen Milaan San Remo winnen?

In de laatste 20 jaren, won er 10 keer een renner die je een pure sprinter zou kunnen noemen. Démare, Degenkolb, Krisytoff, Ciolek, Cavandish, Petacchi, Cipollini, en 3x Oscar Freire kwamen juichend over de meet. 8x was er sprake van een renner die de sprint won van een kleine of minder kleine groep.

In 2006 won Pozzato de sprint van een grote kopgroep van 33 renners met daarin ook pure sprinters, zoals Zabel, Freire, Boonen en Petacchi. Hun sprintsnelheid was door de afstand en de explosieve laatste heuvels te zeer afgebot om nog te winnen. Tweemaal slechts was er sprake van een solo. In 2018 was het Nibali en in 2021 was het Stuyven. Opvallend was hun nipte voorsprong. In beide gevallen kreeg de nummer twee dezelfde tijd toegemeten

Wie is in staat Milaan San Remo te winnen?

  1. De pure sprinter die de achterstand op de top van de Poggio zo klein weet te houden dat hij in een groepje nog terug kan keren om vervolgens de sprint te winnen.
  2. De explosieve krachtpatser, die met een of meer anderen, op de laatste klim het verschil kan maken en de sprint vervolgens wint.
  3. De renner die met een verrassende aanval juist voor of na de top van de Poggio wint met een solo.
ERik T

Geschreven door Eric Timmermans

Bekijk alle berichten door Eric Timmermans →