Hoe worden wedtermen gebruikt?

  • Laatste update: 31 oktober 2021
Home Uitleg Hoe worden wedtermen gebruikt?

Hoe worden wedtermen gebruikt?

  • Geschreven door Jos Ariaans
  • Laatste update: 31 oktober 2021
  • Leestijd: 4 minuten

Of je nu een doorgewinterde gokker bent of net begint met het wedden op sporten, er zijn veel termen die handig zijn om te kennen. Elke keer dat je niet zeker bent van een soort weddenschap of bepaalde voorwaarden, kun je even op deze pagina kijken hoe het nou precies zit.

Veel termen zijn Engels, omdat veel bookmakers ook in het Nederland die termen gebruiken. 

Termen bij sport weddenschappen

  1. A

    Accumulator: Dit is in feite een meervoudige weddenschap. Het is de bedoeling dat je alle weddenschap wint om winst te maken. Het risico is hoog en dat geldt ook voor de uitbetaling.
    All In: Wanneer je je volledige saldo inzet op één weddenschap.
    Ante Post wedden: Dit zijn weddenschappen die je plaatst voorafgaand aan de wedstrijd of gehele competitie. 
    Aziatische handicap: Deze weddenschap komt van origine uit Azië, vanwaar de naam. De favoriet krijgt een handicap krijgt en de respectievelijke underdog een voorsprong. Op deze manier is de wedstrijd evenwichtiger.

  2. B

    Banker: Een weddenschap die je zo goed als zeker gaat winnen. 
    Betting Exchange: Net als de aandelenbeurs is dit een platform waarop gokkers weddenschappen van elkaar kopen en tegen elkaar inzetten. De gokker fungeert dus als bookmaker. De beurs maakt winst door een kleine commissie op de transacties. 
    Bookmaker: Een geregistreerd bedrijf dat quotes biedt op resultaten van sport wedstrijden. 

  3. C

    Circled game: Letterlijk vertaald is het een goed uitgebalanceerd spel. Beide teams hebben een gelijke kans om te winnen. Weinig gokkers zullen op zo een wedstrijd inzetten. 
    Correct score: Een van de vele soorten weddenschappen op voetbal. Bij deze weddenschap zet je in op de exacte score van de wedstrijd.

  4. D

    Dog player: Een gokker die de underdog van een wedstrijd steunt.
    Double Chance: Het plaatsen van een enkele weddenschap op twee mogelijke uitkomsten van een wedstrijd, meestal voetbal. Je zet bijvoorbeeld in dat een team óf wint of gelijkspeelt.
    Dutching: Tegelijk inzetten op meerdere uitkomsten van een wedstrijd zodat je altijd winst maakt, ongeacht de winnaar. 

  5. E

    Edge: Het voordeel van een gokker bij een weddenschap.
    Each-way: Een enkele weddenschap op de winnaar van een paardenrace.

  6. F

    Favorite: De favoriet om de wedstrijd te winnen en dus met de laagste quote. 
    Fold: Het aantal weddenschappen in een cumulatieve inzet. Een “fourfold” bestaat bijvoorbeeld uit vier verschillende weddenschappen.
    Form: De conditie van een team of speler. 

  7. H

    Halftime resultaat: Een weddenschap op de score uit de eerste helft van de wedstrijd. 
    Hedging: Wanneer je inzet op tegenovergestelde uitkomsten van een wedstrijd om jouw risico te minimaliseren.

  8. L

    Lay: Deze term wordt gebruikt op Betting Exchanges. Op deze beurs treden spelers op als bookmakers. Een “lay” weddenschap zet je in op een speler in plaats van op een wedstrijd. 
    Lengthen: Wanneer een bookmaker de quotes heeft verbeterd om ervoor te zorgen dat meer mensen gaan wedden op die uitkomst.

  9. M

    Martingale: Een inzetstrategie waarbij je na elk verlies de hoogte van je inzet verdubbelt.
    Match Betting: De engelse term voor de populaire 1X2, of 3-way, weddenschappen.
    Multiples: Een combinatie van weddenschappen. Je wint deze weddenschap alleen als alle individuele weddenschappen succesvol zijn.

  10. N

    Nap: De veiligste paarden weddenschap van de dag.
    Non-Runner: Een paard dat mee zou rennen, maar toch niet meedoet. 

  11. O

    Odds: Dit is de engelse term voor een quote. Het getal geeft aan hoeveel je kan winnen als je de weddenschap wint. 
    Odds Against: Een quote die hoger is dan 2.00 of 1/1. Je wedt dan tegen de favoriet. 
    Odds On: Een quote die lager is dan 2.00 of 1/1. Je wedt dan voor de favoriet.
    Over: Inzetten op een “hoger dan” weddenschap. Vaak zet je in dat het aantal doelpunten meer is dan een bepaald getal. 

  12. P

    Pari Mutuel: De naam van het enige goksysteem dat in Frankrijk bestaat.
    Price: Een ander woord voor quote.
    Punter: Veel gebruikte engelse term voor gokker, ofwel een persoon die weddenschappen plaatst.

  13. R

    ROI: Een afkorting van Return of Investment. Met andere woorden de ROI is jouw nettowinst die je overhoudt nadat je jouw inzet aftrekt van de uitbetaling. 
    Runner: Een persoon die een weddenschap plaatst namens een ander, een tussenpersoon.

  14. S

    Single: Een enkele weddenschap. 
    Speciale weddenschap: Elk type weddenschap dat geen weddenschap is het op het volledige wedstrijdresultaat. Dus alle soorten weddenschappen behalve de 1X2 weddenschappen. 

  15. T

    Treble: Een meervoudige weddenschap bestaande uit 3 weddenschappen.

  16. U

    Under: Inzetten op een “lager dan” weddenschap. Vaak zet je in dat het aantal doelpunten minder is dan een bepaald getal. 
    Underdog: De tegenstander die weinig kans maakt om te winnen. 

  17. W

    Win: Een enkele of meervoudige weddenschap die winst maakt.
    Walkover: De speler die een wedstrijd wint omdat de tegenstander niet meer mee kan doen.

FAQ

Zijn dit alle termen die je moet kennen om te gokken?

Nee, dit is slechts een selectie van termen die vaak gebruikt worden. Vaak zijn er ook specifieke termen die voor bepaalde sporten gebruikt worden. 

Is het nodig om Engels te spreken om te wedden bij bookmakers?

Nee dat is zeker niet nodig. Veel bookmakers hebben hun websites in meerdere talen vertaald, waaronder soms ook Nederlands. Desondanks worden sommige Engelse termen universeel gebruikt. 

Waar kan je het beste veilig wedden?

Het is aan te raden om te gokken bij een bookmaker die een licentie heeft in één van de Europese lidstaten. Check onze pagina met reviews voor een aantal betrouwbare bookies. 

Nieuws